![[ Shani ]](/images/nieuwsbrief/shani.gif)
Half juli vertrokken Andreas Amons, Elwin van der Gragt,
Benno Netelenbos en Melvin Redeker naar Pakistan met als doel
het openen van nieuwe routes op de Shani Peak in de Naltar vallei
(Gilgit district, westelijke Karakorum). De berg is 5885 meter
hoog en de naam staat voor 'plek waar de feeën wonen'. Voorafgaand
aan deze expeditie was de top zelf al enkele malen bereikt via
de 'eenvoudige' Westgraat en één keer via een route over
sneeuwvelden in de ZO-wand.
Het basiskamp bevond zich bij de Upper Shani op 3920 meter
hoogte, en de expeditie is van 25 juli tot 4 september 1999
in het gebied geweest. Tijdens die 6 weken werden verschillende
routes geklommen in 'alpiene'-stijl, d.w.z. in één ruk doorklimmen
met touwgroepen van twee en bivaks in de wand, zonder vaste touwen,
kampen, hoogtedragers, etc. De hele benadering was er op gericht om
geen sporen achter te laten en in evenwicht met de plaatselijke
natuur en cultuur te zijn. De onderneming is mede tot stand
gekomen met steun van: Demmenie Sport Amsterdam, het NKBV
Expeditie Fonds en McCain Foods.
De expeditie heeft de volgende beklimmingen uitgevoerd.
1. Nieuwe route op de noordoostpijler.
Een 2-persoons touwgroep bestaande uit Andreas Amons en
Melvin Redeker heeft deze route (1000 meter mixed terrein,
TD, alpiene stijl, weinig mogelijkheden tot afzekering)
geopend op de noordoostpijler van de Shani Peak. De start
is in een circa 200 meter lang verborgen couloir, direct
boven de ijsval van de noordelijke Shani gletsjer. Na dit couloir
kom je op de schouder van de pijler uit. Wat volgt is hoofdzakelijk
mixed terrein door een aaneenschakeling van sneeuw- en ijsvelden.
Op het moment dat de pijler afbuigt naar de 'schijntop', houdt de
route de topgraat aan (die overigens van slechte rotskwaliteit is).
Andreas en Melvin brachten vier dagen door in de wand met proviand
voor slechts twee dagen, vanwege slechte weersomstandigheden.
Hoewel de pijler vanuit het basiskamp direct zichtbaar is, is de
beklimming ervan een van de meest afgelegen mogelijkheden.
De onderste ijsval van de noordelijke Shani gletsjer verhindert
namelijk een directe toegang. De anstieg vanuit het basiskamp kost
ongeveer 10 uur.
2. Eerstbeklimming van de Shani-oosttop.
De meest oostelijke van de drie Shani toppen werd door Andreas Amons
en Melvin Redeker in white-out omstandigheden beklommen op
22 augustus 1999. Zij deden dat, nadat ze de hierboven beschreven
noordoostpijler beklommen hadden. Na een 33-urig bivak op de
'schijntop' waren ze het beu om nog langer te wachten op het einde
van een sneeuwstorm. De tocht bestond uit een twee uur durende,
“recht-toe recht-aan”, 50° steile beklimming door spletenrijk
gebied. De hoogte van de top bedroeg ongeveer 5615 meter.
De afdaling vond plaats door dezelfde route weer af te klimmen
en ab te seilen. Dit is niet de aanbevolen abstieg, aangezien
bij het abseilen veel stenen losgetrokken worden. Het oorspronkelijke
plan was een overschrijding van alle toppen, met een abstieg via de
westgraad. Dit was echter onmogelijk door de weersomstandigheden.
3. Nieuwe route: directe zuidoostwand naar de hoofdtop.
Deze route gaat via een directe lijn naar de hoofdtop (1600 meter, TD+).
De lijn volgt de rotspijler links van de Engelse route uit 1989, gaat dan
onderlangs het 'fort' halverwege, over het centrale sneeuwveld en door
het steile ijscouloir (80º) naar de top.
De route bestaat min of meer uit twee gedeelten, met ieder z'n eigen
karakter. De onderste helft bestaat uit puur 'Chamonix'-achtig granietklimmen,
hoofdzakelijk 3e en 4e graads met een paar touwlengtes tot 5+. De bovenste
helft heeft het karakter van een 'Berner-Oberland' noordwand.
De eerste poging was op 20 augustus door Benno Netelenbos en Elwin van der
Gragt. Zij bereikten de top van de pijler op 5050 meter (hetgeen precies
halverwege is). Zij moesten echter stoppen vanwege dezelfde weersomslag
waar de touwgroep aan de andere kant van de berg ook mee te maken had.
Bij de tweede poging op 30 augustus snelden Benno en Elwin binnen 15 uur
naar de top, met een bivak op 5220 meter hoogte.
De beklimming werd een dag later al weer herhaald door Andreas Amons en
Melvin Redeker. Zij voegden een belangrijke variant toe, door de sleutelpassage
van de pijler te omzeilen, als ook de vreselijk natte 'Tang-gila-gufa' kruip-door
sluip-door passage boven in het eerste gedeelte.
De anstieg van deze route is via de bovenste Gulupur gletsjer
(zuidelijk Advanced Base Camp), in minder dan 3 uur vanaf het
basiskamp. Abstieg is via de westgraad-route. Een vreselijke afdaling
terug naar het basiskamp, die meer dan 12 uur in beslag nam.
Selectie van andere beklimmingen.
Tijdens het acclimatiseren zijn, onder andere, nog de volgende
beklimmingen uitgevoerd:
Sentinel Peak, gemeten hoogte 5345 meter, via de zuidwand.
Snowdome, gemeten hoogte 5360 meter, via de noordgraat.
© Demmenie Sport BV - demmeniesport.nl